JAPANREIS MICHIKO 2011

Nadat mijn moeder, Namiko Paula, de eer had om dé Japanreis in 2009 te mogen maken, besloot ik bij het uitzwaaien van de hele groep op Schiphol dat ik ook zou gaan. Het liefst de week daarop, maar het werd ongeveer 1,5 jaar later. Mijn man, Erik, en ik zouden op eigen initiatief op vakantie gaan naar het land dat zoveel betekent voor mijn moeder en mij.
We hadden onze tickets geboekt en kort daarna kwam dè tsunami. Dat was enorm schrikken natuurlijk. We zouden drie maanden erna vertrekken, maar we wisten gelijk al dat dat ons niet tegen zou houden. Desnoods stropen we daar zelf onze mouwen op; we zouden gaan. Enige voorwaarde was wel dat we niet lichtgevend en met aangegroeide tentakels thuis zouden komen. Terwijl het in Fukushima spannender werd, raakte ons reisschema steeds meer gevuld. We zouden een rondje maken van Tokio – Kyoto – Nara – Osaka – Koya San – Hakone en weer naar Tokio.

Voordat we vertrokken, zaten we tot ver onze nek in het werk om alles op tijd af te krijgen. Het was dan ook heel gek dat we ‘ineens’ in hartje Tokio stonden terwijl ons hoofd nog een beetje in werk-modus stond. Ik wilde het al zo lang en toen we daar waren was het haast onwerkelijk. De treinreis vanaf Narita airport in een comfortabele, schone, stille, snelle, stijlvolle trein was een soort van aankondiging van hoe de rest van onze reis zou zijn (behalve dat het niet altijd stil was).
Zoals we al dachten, hebben we van de tsunami in Japan eigenlijk heel weinig tot niks van gemerkt. Één museum dat we wilden zien, was dicht en misschien dat men in de stad wat zuiniger was

IMG_2472_MI

met elektraverbruik. Wel waren veel matsuri’s (rituele tochten) geannuleerd. En ik had het idee dat er maar weinig buitenlandse toeristen waren, maar dat vonden we wel prima zo.

Onze eerste avondmaaltijd was in een soort eetcafé. Er was geen etalage met etenswaren. Het meisje dat ons hielp, sprak geen Engels maar wel een beetje Duits. Dus in goed Engels, gebrekkig Duits, nog slechter Japans en handgebaren bestelden we maar wat. Ik had mijn Japanse woordjes-en-zinnen-App op mijn iPad eigenlijk niet eens nodig. We besloten onze eerste avond in Tokio af te sluiten met een bezoek aan een arcadehal. In een fotobooth kon je jezelf tot een ‘manga’ figuur ‘photoshoppen’. Je ogen worden groter, je wimpers langer en je huid mooier gemaakt. Op de foto’s was dan ook niks zichtbaar van onze vermoeidheid na een korte nacht en lange vlucht.

We verbleven heel kort in Tokio om uit te rusten en vervolgens met de shinkansen naar Kyoto af te reizen

Kyoto is een hele fijne stad tussen de heuvels. Het stedenbouwkundig profiel is redelijk laag met genoeg groenvoorzieningen van parken en tuinen van de vele tempelcomplexen. We verbleven in een ryokan, een traditionele herberg. Bij het bezoek van onze eerste tempelcomplex hadden we geluk. Het was in eerste instantie gesloten voor publiek, maar een aardige dame begeleidde ons naar binnen en zo konden we een dienst bijwonen. Die dag werd de 750ste sterfdag van een monnik gevierd. Natuurlijk werden we flink aangestaard omdat we één: te laat waren (het was bijna op zijn eind) en twee: we de énige westerlingen en toeristen waren (vooral Erik viel op).

Onze andere bezoeken aan tempels waren net zo indrukwekkend vanwege hun architectuur en tuinen. De tuiniers trekken met de hand al het onkruid eruit, of snoeien de bomen. En dat alles met veel aandacht en betrokkenheid. We, maar vooral Erik, werden door schoolmeisjes op excursie aangesproken zodat ze hun Engels op ons konden uitoefenen. Aangezien wij zowat de enige toeristen waren gebeurde dat in bijna elke tempel waar we kwamen. Veelal werden ze sterk aangespoord door hun leraren, want de meesten waren verlegen. Erg schattig.

Als je dan toch in Kyoto bent en je ziet maiko’s (geisha in opleiding) lopen, waarom zou je dan jezelf niet laten omtoveren tot een maiko? We gingen naar een cultureel centrum waar men  IMG_0832alleen maar

IMG_0873ouderwets handwerk en ambachten beoefende. Na schmink en omkleden, mocht ik even op een podium staan en mezelf showen. Nou, heel even dan en alleen omdat ik

de indruk had dat de dames die me omgetoverd hadden dat graag wilden. Zoals gezegd, waren veel matsuri’s afgelast. Maar met één optocht hadden we erg veel geluk. Het was een soort processie zoals men dat vroeger deed, waarbij leden van koninklijke familie, hun personeel en wat huiswaar van hun adelijk kasteel naar een tempel gingen om te bidden. Hoogtepunten van Kyoto waren het Arashiyama bos en de Fushimi Inari Schrijn. Het eerste is een bos met alleen maar bamboo en het tweede is een heel lang pad met duizenden rood-oranj

e ‘torii’ poortjes door een bos. Allebei waren ze erg magisch en fotogeniek.Om ons bezoek aan Kyoto goed af te sluiten, gingen we voor één nacht in een modern, minimalistisch capsule hotel slapen. Het heet ‘9hours’ en het concept is dat men 1 uur ontspant voor slapen, 7 uur slaapt en 1 uur zich klaar maakt voor vertrek. Mannen en vrouwen hebben hun eigen verdiepingen en separate liften. Er is geen tv o.i.d. in je capsule want alles is gericht op het slapen gaan. Je kan instellen hoe laat je wil slapen en gewekt wil worden. De lichten gaan dan op een fi

IMG_0485_MI

jne manier héél langzaam en geleidelijk uit of aan. Je merkt in het begin haast niet dat het licht gedimd wordt.

Na Kyoto was het tijd om naar Osaka te gaan. Niet zozeer om de stad zelf, hoewel we wel naar het Osaka Aquarium Kaiyukan zijn gegaan voor de walvishaaien. Osaka was vooral een tussenstop om naar KoyaSan te gaan. Het centrum van Shingon boedisme. Veel mensen komen daar om een pelgrimstocht te maken en in het dorpje zijn veel tempels waar men kan overnachten. We bleven voor een nacht in een tempel (shukubo) om een fractie van het leven van een monnik te zien. Aangezien monniken geen vlees eten, moesten we ook hieraan geloven. Het was onze beste vegetarische maaltijd ooit. De volgende ochtend werden we vroeg (en gelukkig subtiel) gewekt voor het bijwonen van het ochtendgebed. Na ons vertrek maakten we een wandeling over een hele be

IMG_1462_MI (1)roemde begraafplaats, Okunoin. Deze begraafplaats is een route van een paar kilometer lang door een oerbos en het is één van de meest heilige plekken in Japan. J

e voelt je klein door de immens hoge en kaarsrechte bomen en de ontelbaar vele grafstenen. Het voelt alsof je in een kathedraal loopt over het middenpad. Aan het eind van het pad zie je het hoogtepunt: het mausoleum van de stichter van Shingon boedisme, Kobo Daishi.

Na een korte stop in Nara, dat vroeger de hoofdstad is geweest, was het tijd om weer richting Tokio te gaan. Maar niet voordat we een onsen hebben bezocht en berg Fuji hebben gezien. We gingen naar Hakone, een natuurgebied waar je lekker kan wandelen en kan badderen in onsens. Bij een wandeltocht op een berg in vulkanisch gebied kon je gekookte eitjes kopen die in zwavelwater waren gekookt. Maar de sterke zwavelgeur was niet echt bevorderlijk voor onze eetlust. Door het weer hebben we FujiSan niet uitgebreid kunnen bewonderen; alleen af en toe wanneer de zon doorbrak. Als we in het juiste seizoen waren gekomen, hadden we de berg beklommen. Dit staat nog op onze to-do lijstje.

Vanwege het weer besloten we eerder naar Tokio te gaan. Omdat we architectuurliefhebbers zijn, heb ik een to-see lijstje gemaakt. Om de kans op verdwalen zo veel mogelijk te beperken, had ik via Google Maps een route uitgestippeld. Maar in Tokio was alles heel goed te vinden; sommige bezienswaardigheden en straten waren ook in westerse karakters aangegeven. En bovendien, soms kwam iemand naar ons toe om te vragen of we hulp nodig hadden of iets dergelijks.

IMG_1205

Er was zelfs een keer dat we gewoon op een plattegrond stonden te kijken en we waren niet eens verdwaald, maar een meneer dacht van wel. Hij wilde zo zijn best doen met zijn Engels en ons uitleggen hoe we moesten lopen dat ik het maar meespeelde. Hij was zo lief. Uiteraard hebben we de Tsukiji vismarkt bezocht. Wegens de tsunami was de tonijnveiling gesloten voor publiek.

Uiteindelijk kwam de tijd toch voor ons om naar Nederland te gaan. Terwijl we naar Narita Airport reden, keken we terug op een bijzondere vakantie. We hebben veel bijzondere dingen   gezien en veel aardige mensen ontmoet. Het is een land vol tegenstellingen en juist daarom is het zo interessant. Maar het zijn vooral de kleine alledaagse dingen die het land nog interessanter maken. Om maar een paar voorbeelden te geven: bij sommige eetgelegenheden of winkels zijn er bij de entrees stoffen gordijnen die te kort zijn om opzij te schuiven maar wel net lang genoeg om je hoofd iets te buigen voordat je binnenkomt. Geweldig vind ik dat. Op een terras reserveert men hun stoelen door hun tassen erop te plaatsen en doodleuk naar binnen lopen (wel met portemonne) en verwachten dat iedereen van hun spullen afblijven terwijl ze hun latte machiato bestellen. Of hun fiets niet op slot zetten als ze de supermarkt even binnenhoppen voor de laatste uitgave van mangatijdschriftje en ervan uitgaan dat niemand anders hun fiets meeneemt. Natuurlijk is er wel kleine en grote criminaliteit. Maar we hebben ons zo veilig en zorgeloos gevoeld. Wat een verademing!! Heerlijk om je totaal geen zorgen te maken of ze bijvoorbeeld je nieuwste camera oid niet stelen. Waarschijnlijk omdat ze zelf betere gadgets hebben, daar niet van… Maar toch…

Het was voor mij eerder een cultuurschok om weer in de NS trein te zitten na terugkomst uit Japan dan andersom. Het duurde een tijdje voordat ik in mijn ‘NL flow’ kwam, maar deed ondertussen wel een stille belofte om weer een keer terug naar Japan te gaan.

Comments are closed.